Andrew Sullivan, hoofdredacteur bij the Atlantic, heeft in niet mis te verstane bewoordingen geblogt waarom hij blogt. En ik kan het op verschillende punten met hem eens zijn.
In deze 21ste-eeuwse maatschappij lijken woorden zwaar aan kracht te hebben ingeboet. Met de huidige technologieën moet er toch meer gekeken en minder geschreven worden? Niets is minder waar. Woorden zijn nog nooit zo "now" geweest, zoals Sullivan mooi besluit.
Net omdat we in een postmoderne samenleving zijn terecht gekomen, is bloggen een nieuwe vorm van communiceren geworden. La fin des grands récits, indeed! Blogposts zijn over het algemeen kort, hevig, persoonlijk, heel erg real time en een beetje verslavend.
Als aspirant-schrijver geeft het een enorme kick om niet te moeten wachten op een vorm van toelating om gepubliceerd te worden, nee, je publiceert gewoon lekker zelf. En zo vaak als je zelf wil. Bloggen als een 'narcotic', zo zegt Sullivan.
Bloggen is tegelijk ook een beetje blootgeven. Van jezelf, wat je bezighoudt. Een soort van openbaar dagboek, waarin je moet oppassen dat je niet teveel prijsgeeft. Hoewel die schijnbare oppervlakkigheid een mooi masker kan zijn voor wezenlijke diepzinnigheid. Maar ik word filosofisch.
Wat ik wilde zeggen: er bestaat niet zoiets als "blogger's block". (een hele mooie vondst van meneer Sullivan) Er is altijd wel iets wat je boeit. Of niet boeit. Bloggen is vooral rijk aan persoonlijkheid. En onthullend. En spannend. Wachten op reacties. Reageren op reacties.
Bloggen is ook: niet nadenken. In een bui van woede, angst of verdriet zal een mens al sneller op 'verzenden' durven klikken. En hier valt het woord: bloggen is vooral durven. Jezelf te grabbel gooien op het wereldwijde net, het is niet iedereen gegund.
Het leven is aan de durvers. Of de bloggers, zo u wil. En daarom blog ik.